Een kleine badkamer inrichten met zowel een bad als een inloopdouche is zeker mogelijk, ook bij een ruimte van 5 tot 8 m². De sleutel zit in de juiste opstelling, slimme maatvoering en het weglaten van overbodige elementen. Hieronder lees je precies hoe je dat aanpakt.
Hoeveel ruimte heb je minimaal nodig?
Een vrijstaand bad of inbouwbad vraagt doorgaans een vloeroppervlak van ongeveer 170 x 75 cm. Een compacte inloopdouche begint bij zo’n 80 x 80 cm, maar 90 x 90 cm is comfortabeler. Tel je die twee bij elkaar op, dan heb je al snel zo’n 4 tot 5 m² nodig, puur voor de natte zone. In een badkamer van 5 à 6 m² lukt het dus, maar dan moet elke centimeter kloppen.
De handigste manier om beide te combineren is een bad naast de inloopdouche langs dezelfde wand te plaatsen. Zo deel je één douchewand, bespaar je ruimte en houd je de waterafvoer op één plek. Dit is de opstelling die je het vaakst terugziet in kleine badkamers met bad en inloopdouche.
Slimme indelingen voor een kleine badkamer met bad en inloopdouche
Er zijn een paar indelingen die goed werken in een beperkte ruimte:
- Langs één lange wand: bad en inloopdouche naast elkaar, gescheiden door een glazen wand of een laag muurtje. Dit werkt goed in een smalle maar lange badkamer (bv. 180 x 300 cm).
- Hoekopstelling: het bad in de hoek, de inloopdouche ernaast of diagonaal tegenover. Hierdoor ontstaat in het midden meer loopruimte.
- Bad als afscheiding: het bad fungeert als visuele scheiding tussen douche- en wasruimte. Dit geeft structuur zonder dat je een extra wand nodig hebt.
Vermijd de neiging om de ruimte vol te pakken. Een toilet en wastafel erbij plaatsen is haalbaar, maar vraag je dan eerst af of het bad of de inloopdouche zwaarder weegt in jouw gebruik. Als je het bad zelden gebruikt, is een dieper ligbad misschien niet nodig; een badkuip van 150 cm is compacter en verliest weinig comfort.
Glazen wand of open douche?
In een kleine badkamer met bad en inloopdouche kies je bij voorkeur voor een glazen wand in plaats van een douchegordijn of massieve afscheiding. Glas laat licht door en maakt de ruimte visueel groter. Kies voor helder glas (niet matglas) als je de badkamer optisch wilt vergroten. Een walk-in opstelling zonder deur bespaart ook ruimte die een draaiende deur zou innemen.
Let op de schermhoogte. Een glazen scherm van 100 cm stopt spatwater, maar beschermt minder dan een volledig omsloten douche. Bij een scherm van 140 cm of hoger is de bescherming goed, ook zonder deur. Als je het bad direct naast de inloopdouche plaatst, doet het bad zelf ook al dienst als spatscherm aan één kant.
Maatvoering en praktische tips
Hieronder de maten waar je rekening mee houdt bij het plannen van een kleine badkamer met bad en inloopdouche:
| Element | Minimale maat | Comfortabele maat |
|---|---|---|
| Inloopdouche | 80 x 80 cm | 90 x 90 cm of groter |
| Bad (lengte) | 150 cm | 170 cm |
| Looppad naast bad/douche | 60 cm | 70 tot 80 cm |
| Totale badkamerbreedte | 160 cm (nauw) | 180 tot 220 cm |
Nog een paar praktische punten die het verschil maken. Gebruik vloertegels in één doorgaande kleur en formaat: dat trekt het oog minder snel op en de badkamer lijkt groter. Kies een inbouwkraan voor het bad, zodat er geen los kraanwerk in de loopruimte steekt. Monteer opbergruimte (planken, nissen) in de douche- of badwand in plaats van los meubilair op de vloer te plaatsen.
Wanneer is dit geen goed idee?
Bij een badkamer kleiner dan 4,5 m² is de combinatie van bad én inloopdouche erg krap. Je kunt het technisch realiseren, maar dan houd je bijna geen loopruimte over. In dat geval is het eerlijker te kiezen: óf een compact bad met een vaste douchekop erboven, óf alleen een inloopdouche. Een bad met douchefunctie (een zogenaamd bad-douchecombinatie) is een tussenweg, maar geen echte inloopdouche.
Houd ook rekening met het gewicht van een gevuld bad. Een bad van 170 liter weegt gevuld ruim 200 kg. Bij een houten vloer op de verdieping kan dat een probleem zijn. Vraag bij twijfel een aannemer om de draagkracht te controleren.
Met de juiste maatvoering, een glazen afscheiding en een doordachte opstelling past een kleine badkamer met bad en inloopdouche prima in een ruimte van 5 tot 7 m². Begin met het bad naast de inloopdouche langs één wand te tekenen, houd 60 tot 70 cm loopruimte aan en bouw van daaruit verder. Zo maak je het meeste van een compacte badkamer zonder dat het rommelig of krap aanvoelt.

