De onderkant van een badkamerspiegel hang je bij voorkeur 15 tot 25 cm boven het wastafelblad. Dat geeft genoeg ruimte om spatwater op te vangen en zorgt toch dat je je eigen gezicht goed kunt zien. In de meeste Nederlandse badkamers zit het wastafelblad op 85 tot 90 cm hoogte, wat betekent dat de onderkant van de spiegel uitkomt op zo’n 100 tot 115 cm vanaf de vloer.
Welke hoogte werkt in de praktijk?
De handigste maat is die waarbij de spiegel je gezicht volledig weergeeft terwijl je rechtop staat. Voor de gemiddelde volwassene valt het gezicht ruwweg tussen 155 en 185 cm boven de vloer. Zorg dan ook dat het midden van de spiegel op ongeveer 165 tot 170 cm zit. Hang je de spiegel te hoog, dan moeten kleinere gezinsleden op hun tenen staan. Hang je hem te laag, dan zie je als langere persoon je kruin niet meer.
Een praktisch vertrekpunt: stel de gewenste ooghoogte van de langste gebruiker vast (gemiddeld zo’n 170 cm), trek daar de helft van de spiegelhoogte van af, en dat is waar de onderkant van de spiegel komt te hangen. Heeft de spiegel een hoogte van 60 cm, dan komt de onderkant op 170 minus 30 = 140 cm. Check daarna of de onderkant minimaal 15 cm boven het wastafelblad zit.
Rekening houden met meerdere gebruikers
In een gezin met kinderen en volwassenen van verschillende lengtes is de ideale hoogte al snel een compromis. Een spiegel van 80 cm of hoger lost dit gedeeltelijk op: een lange spiegel vangt meer hoogtes af dan een compacte. Alternatieven zijn een in hoogte verstelbare spiegel, een spiegel met verlichting die naar beneden schijnt (zodat het gezicht vanuit meer posities goed belicht wordt), of een tweede kleine spiegel op lagere hoogte voor kinderen.
Hoogte spiegel boven wastafel bij een zwevend of verhoogd model
Heb je een verhoogde wastafel, een vrijstaand model of een wastafelblad op een andere hoogte dan de standaard 85 tot 90 cm? Pas dan de berekening aan op de werkelijke hoogte van jouw wastafel. De basisregel blijft dezelfde: houd minimaal 15 cm vrij boven het blad. Minder dan dat vergroot de kans op spatvlekken op de spiegel en maakt schoonmaken lastiger.
Invloed van de spiegelmaat op de juiste positie
De hoogte waarop je hangt en de afmeting van de spiegel hangen nauw samen. Een kleine spiegel van 40 bij 40 cm laat je minder vrijheid in positionering dan een brede spiegel van 80 bij 60 cm. Bij een kleine spiegel is het extra belangrijk om hem precies op de juiste ooghoogte te hangen. Bij een grotere spiegel heb je meer speelruimte, omdat hij van nature een groter deel van je hoofd en lichaam weergeeft.
Let ook op de breedte: een spiegel die breder is dan de wastafel geeft een ruimtelijker gevoel, maar zorg dat hij niet over de rand van de muur steekt of tegen andere badkamerelementen aanstoot.
Praktisch stappenplan voor ophangen
- Meet de hoogte van je wastafelblad op vanaf de vloer (meestal 85 tot 90 cm).
- Tel hier minimaal 15 cm bij op voor de onderkant van de spiegel (uitkomst: 100 tot 115 cm).
- Controleer of het midden van de spiegel uitkomt op de ooghoogte van de voornaamste gebruiker (circa 160 tot 170 cm voor een gemiddelde volwassene).
- Pas de positie aan als de spiegel groot genoeg is om meerdere gebruikers te bedienen.
- Teken de bevestigingspunten aan met potlood voordat je boort, en check met een waterpas of de spiegel recht hangt.
Kort samengevat: begin bij je wastafelblad, houd 15 tot 25 cm vrij boven het blad, en stem de eindpositie af op de ooghoogte van degene die de spiegel het vaakst gebruikt. Met die drie stappen hang je de spiegel altijd goed.

